Apeldoorn, 11 april 2026

Gelukkig zijn er pillen (psychofarmaca) voor crisissituaties (bijv. psychose) of om een vicieuze cirkel van oververmoeidheid en slaapgebrek te doorbreken met een slaappil.

Ze brengen snel verlichting, maar het werken aan herstel wat daarna komt vergt soms veel geduld.

Dat heeft ook vaak te maken met het vinden van een nieuw evenwicht in de hersenen (en rest van het lichaam) nadat medicatie de boel ontregeld heeft.

We zien dit elke dag terug in de e-mails die we krijgen.

Mooi als een psychiater* het verwoordt na zijn lezing over herstelgericht werken:

Want een paar weken eerder was ik bij diezelfde GGZ organisatie, in het kader van een interdisciplinaire bijeenkomst van de specialistische opleidingen. Verpleegkundigen, psychologen, psychiaters – op uitnodiging van de verpleegkundigen (!). Dezelfde regio. Maar een compleet andere wereld. Daar gaat het toch meer over ziekte, symptoomreductie, technische behandelingen, bewijs. Het deficietmodel als vanzelfsprekende achtergrondmuziek. Bij psychiaters > psychologen > VS.

En dat is precies het probleem.

Want wat de wetenschap laat zien, is dat ook die specialistische aanpak in de kern ploeteren is in een onvoorspelbaar complex systeem. Duwtjes geven in de hoop dat er iets beweegt. Improviseren. Net als iedereen. Alleen dan verpakt in een biomedisch verhaal dat suggereert dat je een stoornis fixt.

Herstel werkt anders. Het is een lange, kronkelige weg. Met turning points. Met inzichten. Mensen leren leven met hun gevoeligheden, vorm geven aan hun leven, betekenis vinden. Dat is geen ziekte die je behandelt. Dat is een proces waar je naast iemand gaat staan.

Waar je een sterk en volledig geintegreerd netwerk voor nodig hebt. Waar het eerste gesprek gaat over je ervaringen in context en je gevoeligheden naast je talenten. Waar burgers iets te kiezen hebben. Waar gewerkt wordt in laagdrempelige groepen. Waar voldoende social holding kan worden verschaft. En waar een digitale schil omheen zit waar je altijd terecht kunt.

En waar de specialisten flexibel en consultatief kunnen bijspringen indien nodig.

De kloof tussen beide werelden is geen onvermijdelijk gegeven. Het is een conceptuele keuze. En zolang specialisten vasthouden aan het idee dat zij de echte behandeling leveren en de rest randverschijnselen zijn, blijft samenwerking in een mentaal gezondheidsnetwerk moeizaam.

 

Een gevolg kan bijv. zijn; dokters die bij langdurige klachten door (te snel) afbouwen het al overbelaste brein opnieuw blootstellen aan een psychofarmacum. Allemaal op basis van ‘proberen’; plots zijn de heiligverklaarde onderzoeken waarin de ene groep een placebo krijgt en de andere groep een medicijn niet iets waar men op wacht, geen voorwaarde voor  ’t voorschrijven. Onzekerheid die geen aansporing blijkt voor uiterste voorzichtigheid.

Geen eer aan te behalen? Die groep mensen die eenzaam achterblijft als de lofzangen op ‘levensreddende’ medicatie verstomd zijn?

Pauline Dinkelberg, voorzitter VAM

*Post op Linkedin

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *